Artikel

De gouden handboogschutters van 1920

De eerste gouden medailles voor Brabant op de Zomerspelen werden behaald door Janus Merriënboer, Janus Theeuwes, Tiest van Gestel, Jo van Gastel, Piet de Brouwer, Theo Willems, Driekske van Bussel en Limburger Joep Packbiers. Zij vormden samen het handboogschutteam dat op de Spelen van 1920 in Antwerpen goud pakte.

Gouden handboogschutters 1920

De gouden Brabantse boogschutters in het bijzijn van baron Frits van Tuyll van Serooskerken, de eerste voorzitter van het Nederlands Olympisch Comité. (Foto: fotograaf onbekend, 1920, geschiedenisvanhelmond.nl )

De Spelen van 1920 in Antwerpen waaraan het gouden Brabantse boogschutteam meedoet, zijn de eerste Spelen na de Eerste Wereldoorlog en in alles werkt deze oorlog nog door. Zo heeft bij de keuze voor Antwerpen meegespeeld dat België uitzonderlijk zwaar is getroffen door het oorlogsgeweld. In plaats van een atleet staat naast het Olympisch Stadion van Antwerpen dan ook een standbeeld van een Belgische soldaat. De vredesduiven die tijdens de openingsceremonie worden losgelaten, hebben ook gediend in de oorlog. En er mag dan sprake zijn van vrede, de verbroedering is nog ver weg: Duitsland, Oostenrijk en Hongarije zijn uitgesloten van deelname.  

Openingsceremonie Zomerspelen 1900

De openingsceremonie van de Zomerspelen in Antwerpen. (Foto: La Vie au Grand Air, 1920, Wikimedia Commons)

De Spelen in Antwerpen

Het zijn deze stemmige en sobere Spelen - Antwerpen zit nog middenin de wederopbouw en de bevolking heeft wel wat anders aan zijn hoofd dan het bezoeken van sportwedstrijden - waar Janus Merriënboer uit Oud Gastel, Janus Theeuwes uit Rijen, Tiest van Gestel uit Goirle, Jo van Gastel (zoon van een Olympisch boogschutter) uit Tilburg, Piet de Brouwer uit Gestel, Theo Willems uit Uden en Driekske van Bussel uit Asten in augustus 1920 naar afreizen. Janus Theeuwes zal gewoon met de trein naar Antwerpen reizen. De Spelen zijn voor de meeste Brabantse boogschutters dan ook heel dichtbij. De discipline vindt plaats in een kazerne in Brasschaat, slechts enkele kilometers van de Nederlandse grens.

Bij de Antwerpse Spelen staan maar liefst tien verschillende boogschietonderdelen geprogrammeerd. Dit komt omdat deze sport in België, net als bij ons in Brabant kent, een lange traditie kent en zeer populair is. Omstreden bij deze Antwerpse Spelen is ook dat een deel van de boogschietonderdelen voltrekt volgens de Belgische methode, namelijk door te schieten op houten vogels – bewegend of stilstaand - die op een 31 meter hoge palen zijn bevestigd. En volgens de overlevering zou er in die dagen ook op levende duiven zijn geschoten. Het deelnemersveld beperkt zich slechts tot sporters afkomstig uit drie landen, namelijk België, Nederland en Frankrijk. In het noorden van dit laatste land kent men ook een lange boogschutterstraditie.  

Turnen 1900 Zomerspelen

Naast het boogschieten vonden er 22 andere sporten plaats op de Antwerpse Spelen waaronder turnen. (Foto: Le Miroir des sports, 1920, Wikimedia Commons)

De wedstrijd

De Brabantse boogschutters doen mee op het teamonderdeel blazoen schieten vanaf 28, 33 en 50 meter. Een blazoen is de welbekende schietschijf met blauwe, rode en gele cirkels. Een pijl in de binnenste cirkel is 10 punten waard, de buitenste cirkel 5 punten. Het zijn uiteindelijk 3083 punten in totaal waarmee de Brabanders de gouden medaille in de wacht slepen. Alle andere medailles bij het boogschieten die Spelen gaan naar Frankrijk (zes stuks) en vooral thuisland België (14 stuks).  

Overigens had het ook heel anders kunnen lopen voor het Brabantse boogschietteam. Voorafgaand aan het blazoenschieten dienen de Belgen een protest in tegen de kleding van de Brabanders. De Belgische schutters eisen dat ze het officiële wedstrijdtenue dragen, maar 'onze jongens' verkiezen te schieten in hemdsmouwen. Het protest wordt weggewuifd.

Ook tijdens de prijsuitreiking is de sfeer vijandig voor de Brabantse boogschutters. De Haagse krant Het Vaderland schrijft daar het volgende over:

‘Toen de Nederlandsche handboogschutters kampioen waren geworden zongen zij met volle borst het Nederlandsche volkslied. Sommigen uit het publiek misgunden den Nederlanders het kampioenschap en scholden van kaaskoppen. Onze kranige handboogschutters stoorden zich er echter niet aan en zongen des te luider het Wien Neerlandsch bloed." [In die tijd was het Wilhelmus nog niet officieel als volkslied vastgelegd.]

Victor Boin Zomerspelen 1920

De Belgische schermer Victor Boin legt tijdens een voor het eerst gehouden officiële ceremonie de Olympische eed af namens alle atleten. (Foto: fotograaf onbekend, 1920, Wikimedia Commons)

Olympiër en slager

Een groot feest in Antwerpen zelf wordt het niet. Jan Theeuwes zal de volgende dag alweer met de trein naar huis zijn gegaan, om daarna in zijn eigen Rijen wel feest te vieren. Piet de Brouwer, slager van beroep, loopt er minder mee te koop. Veel (latere) inwoners uit Gestel weten niet dat hun dorpsgenoot Olympiër is en zelfs winnaar van een gouden medaille, terwijl het toch echt een unieke prestatie was. Te meer omdat het handboogschieten na 1920 van het Olympische programma verdwijnt om pas bij de Spelen van München (1972) weer te worden geherintroduceerd.

 

Bronnen

“Bijzondere Olympische Spelen: op een steenworp afstand van Brabant met vaak lege tribunes”, Eindhovens Dagblad, 23-04-2020 (stand op 8 juni 2020)

“De gouden boogschutters van 1920”, Trouw, 21-09-2000 (stand op 7 juni 2020)

“Handboogteam Antwerpen 1920”, op: Nocnsf.nl (stand op 8 juni 2020)

“Rotstekeningen, mongolen en schutterijen”, op: Handboogsport.nl (stand op 7 juni 2020)

Alle rechten voorbehouden